Beeld: Golfsupport.nl
Met zijn tiende plaats in de Dubai Desert Classic, een van de rijk gedoteerde Rolex Series-toernooien, verdiende Darius van Driel € 142.045 en 143,2 punten voor de Race to Dubai. De forse financiële beloning is natuurlijk heel prettig, maar de punten voor de Race to Dubai zijn voor Van Driel zeker zo belangrijk. “Aan het einde van dit seizoen behoudt alleen de top 100 nog vol speelrecht, dan geeft het rust als je vroeg in het jaar meteen veel punten weet te pakken”, aldus Van Driel, die deze week het Bahrain Championship speelt.
De 36-jarige Hagenaar is vol vertrouwen na zijn sterke optreden in de Desert Classic. “Vooraf zou ik een plek in top 25 al een heel goede prestatie hebben gevonden, want de banen in de woestijn liggen me doorgaans niet. En die van de Emirates al helemaal niet. Als je dan tiende wordt in zo’n sterk bezet toernooi is dat natuurlijk wel een opsteker.”
Rory is altijd open en gezellig, gewoon een heel sympathiek iemand
Van Driel speelde de laatste ronde van de Desert Classic in een flight met Rory McIlroy. Hij hoefde zich op de eerste tee niet voor te stellen aan de nummer 2 van de wereld. “De laatste paar jaar zie ik Rory met enige regelmaat. Als hij op de DP World Tour speelt gaan zijn dochter en mijn zoon naar dezelfde crèche, daar spreek ik hem af en toe. Rory is altijd open en gezellig, gewoon een heel sympathiek iemand.”
McIlroy speelde de laatste ronde duidelijk niet op z’n best, maar jij vertelde toch onder de indruk te zijn.
“Ik vond het fantastisch om met hem te spelen. Het geluid bij Rory is anders, je hoort de bal suizen, heel indrukwekkend. De ongelooflijke hoogte ook die hij creëert met zijn ijzers, zeker op harde greens is dat een enorm voordeel. Er zijn meer gasten die lang zijn van de tee, maar als Rory echt ver wil heeft hij nog twee extra versnellingen in huis.”
Trapte hij zondag de hoogste versnelling een paar keer in?
“Op hole 13, die par 5 sneed hij de dogleg af met een waanzinnige drive over de bomen. Ik kan dat onmogelijk halen, moet rechtdoor van de tee. Voor mijn tweede slag had ik 220 meter naar de vlag met wind tegen en sloeg een kleine fade met mijn houten-3. Rory had een ijzer-7 of misschien wel een ijzer-8 naar binnen.”
Maar uiteindelijk maakten jullie allebei dezelfde score op die hole, birdie…
“Ja, maar over een heel seizoen hebben longhitters als Rory natuurlijk wel een groot voordeel. Als ik niet over een fairwaybunker kan en Rory wel, en hij krijgt ook nog eens een fijne stuit via de downslope dan scheelt het soms 50 of zelfs 60 meter voor de volgende slag. Dat ga je niet zomaar compenseren.”
Dus lengte is een probleem voor jou?
“Nee, zo zie ik het zeker niet. Op sommige banen zijn longhitters serieus in het voordeel, dan is winnen heel lastig voor mij. Maar dat geldt voor veel meer spelers. Ik zit qua lengte van de tee in een grote groep van zeg maar 80 procent van de Tour, mannen die allemaal ongeveer even ver slaan, daar zit 10, hooguit 15 meter tussen.”
Zit Joost Luiten ook in die groep?
“Ja, Joost en ik slaan ongeveer even ver. We spelen veel oefenrondjes samen, dinsdag nog hier in Bahrein. We zitten elkaar ook vaak te dollen. Als Joost met de driver 117 (mijl per uur clubheadspeed, red) slaat, dan stuur ik een fotootje van mijn Trackmanscherm na een drive met 118, zo pushen we elkaar ook een beetje. Ik ben de afgelopen jaren ook duidelijk verder gaan slaan.”
Ik vond Noordwijk kort geworden, sommige bunkers zag ik niet eens meer
Door specifiek te trainen op meer lengte?
“Ook wel, maar deels lijkt het ook onbewust te gaan. Bijna iedereen op de Tour slaat steeds verder, dus je moet mee met dat niveau, je past je aan. Ik speelde een tijdje terug weer eens op Noordwijk, die baan vond ik opeens kort geworden. Bunkers die voorheen in het spel kwamen, zag ik nu niet eens meer. Sommige holes die ik altijd lang vond, hole 4 bijvoorbeeld, voelde nu best kort, grappig om te merken.”
Vorig jaar ben je als 58e op de Race to Dubai geëindigd. Hoe kijk je terug op dat seizoen?
“Met gemengde gevoelens. Ik had me graag voor het finaletoernooi in Dubai gekwalificeerd, maar 58e bleek uiteindelijk vier plekken te laag. Ik heb vorig jaar een aantal toernooien moeten missen vanwege een polsblessure en ik heb geëxperimenteerd met materiaal, verschillende ijzers en putters geprobeerd. Die vrijheid had ik, want door mijn overwinning in Kenia (in 2024, red) was mijn speelrecht voor 2026 sowieso veilig.”
Het is nu even klaar met experimenteren?
“Ja, al is de verleiding soms groot. Op Tour is het wat equipment betreft natuurlijk één grote snoepwinkel, je kunt pakken wat je wilt. Ik zag ze dinsdag ook weer staan, nieuwe putters van de mooie merken. De neiging om ze even uit te proberen heb ik weten te weerstaan, mijn Odyssey van een jaar of twintig oud zit gewoon weer in de tas.”
Wat is je doel voor dit jaar?
“De finale halen in Dubai, dat is altijd wel een doel. En een toernooi winnen natuurlijk. Ik heb in Kenia laten zien dat ik het kan, en ben er een paar andere keren heel dichtbij geweest. Vorig jaar in België in de play-off, dan moet het net jouw kant op vallen. Ik wil ook constanter worden, vorig jaar heb ik te veel cuts gemist.”
Er zijn op de DP World Tour ook weer tien kaarten te verdienen voor de PGA Tour.
“Daar kijk ik zeker ook naar. Makkelijk zal het niet zijn, maar mocht het me lukken een van die tien kaarten te veroveren ga ik absoluut naar Amerika. Het lijkt me een geweldige ervaring op de PGA Tour te spelen.”
Geniet je van het leven als tourspeler?
“Ja, zeker als ik het kan delen met mijn gezin. Mijn vrouw Sanne en mijn zoon Olivier zijn er tot september vaak bij, dat maakt het extra leuk. Ik leg de lat heel hoog en als ik slecht speel denk ik: wat is het toch een klotesport. Maar heel snel daarna zie ik de andere kant weer. Dit is een uniek en mooi leven dat voor weinig mensen is weggelegd. Als golfers hebben we ook het geluk dat er veel geld te verdienen valt als je goed presteert, andere sporters doen er ook ontzettend veel voor en kunnen er nauwelijks van leven. Ik ben blij dit te kunnen doen en probeer er zo veel mogelijk van te genieten.”
In de Nederlandse golfwereld gaat heel veel aandacht naar Joost Luiten. Vind je dat jij als de nummer 2 van ons land meer aandacht verdient?
"Daar ben ik totaal niet mee bezig. Joost verdient al die aandacht, want hij doet het al jaren heel erg goed. Ik zoek de aandacht niet op, doe ook heel weinig met social media. Ik laat mijn clubs liever spreken."