Beeld: Merlijn Doomernik
Column

Iets moois en oprechts

Beeld: Merlijn Doomernik
Aafke Romeijn groeide op in een wereld die heel ver van golf afstond. Maar zie: zo veel jaartjes verder stapt ze een nieuwe belevingswereld in. Aflevering 3: eigen scheidsrechter.

“Volgende week hebben jullie theoriecursus en examen.”
Als de aardige mevrouw achter de balie bij de golfclub het zegt, vraag ik me af of ze een grapje maakt. Theorie? Examen? Is golf niet gewoon met een stok tegen een balletje slaan? De enige andere sport die ik ken waar je een diploma voor nodig hebt, is zeilen. Dat is logisch, want als je in een zeilboot zit dan begeef je je in het verkeer, dus je moet op z’n minst weten wie wanneer voorrang heeft. Voor je het weet word je door een andere boot geramd, niet heel praktisch. Maar golf?

Rocket science

Meteen vraag ik me af: is het typisch voor sporten met een elitair tintje dat ze van je eisen dat je eerst de regels leert voordat je het veld mag betreden? Nee, dat kan het niet zijn. Voor paardrijden en skieën hoef je geen schriftelijke cursus te doen, je mag jezelf zo van een piste storten. Dat is dus vast weer een vooroordeel van mijn kant. Toch blijf ik sceptisch: wat is er zo ingewikkeld aan een balletje in een gaatje krijgen dat je er een theorie-examen voor nodig hebt? Knikkeren is toch ook geen rocket science?

Out of place

Maar niks blijkt minder waar. De week erna zitten we bovenin het clubgebouw in een verduisterd zaaltje naar een powerpointpresentatie te kijken, met pen en notitieblok in de aanslag. Om mij heen zitten mensen die ik eerder met golf associeer dan mezelf, met mijn recent nog neon-roze geverfde haar. Een dertiger in strakke polo zonder sokken in z’n leren schoenen, een stel van middelbare leeftijd dat aan hun kleding te zien niet woont in een socialehuurwoning - hooo, daar ga ik weer met mijn vooroordelen. Laat ik het zo zeggen: ik voel me ongeveer even out of place als in mijn economiecluster in vijf gym, tussen de kraagjes en de bootschoenen.

Golftheorie blijkt nog best entertaining, zeker onder leiding van Arnoud

Golfregels

Onze theoriedocent is een joviale vijftiger die zo enthousiast over golfregels kan vertellen dat hij zelfs een middelbareschoolklas nog stil zou kunnen krijgen. Hij heet Arnoud. Een typische naam voor iemand die golft, denk ik - nee Aafke, daar ga je weer met je vooroordelen! De eerste slides van zijn presentatie zijn nog makkelijk te volgen. Je slaat nooit met je stok in de richting van een medespeler - oké, dit lijkt me niet meer dan logisch, wil je iemand niet direct een gat in z’n schedel willen slaan. Een gat met zand erin heet een bunker - rare term, ik denk toch eerder aan een stuk Duits beton, maar sport heeft wel meer rare termen. Kunnen we aan wennen. Rough, semi-rough, green - mijn Engels is prima, dus dit is goed te volgen. Dan worden we opgeroepen zo hard mogelijk FORE! te roepen. Als de docent uitlegt dat die term een afkorting is van Flying Object Reaching Earth moet ik zowaar glimlachen, en ik besluit thuis niet op te zoeken of het waar is of niet. Eerlijk is eerlijk, golftheorie blijkt nog best entertaining, zeker onder leiding van Arnoud.

Duizelen

Maar al snel wordt het moeilijk. Wat als je bal tegen een hek aan ligt? Mag je ‘m dan oppakken en verder spelen? Hoeveel strafslagen krijg je dan? Hoe bereken je waar je de bal dropt? Arnoud blijft ons verzekeren dat het écht niet ingewikkeld is, maar na dertig hindernissen, paaltjes, strafslagen, bunkerharken en provisionele ballen begint het me aardig te duizelen. Opeens vraag ik me af wanneer ik überhaupt voor het laatst een examen heb moeten afleggen, ik kan het me eerlijk gezegd niet eens herinneren en ik voel zenuwen opkomen.

Wereldsport

Aan het eind van de cursus krijgen we een meerkeuzetest, die we - net als op school - in stilte moeten afleggen. Terwijl ik nadenk over de vraag of ik wel of niet mag slaan als mijn golfbal in een molshoop terecht is gekomen, bedenk ik opeens dat er een perfect logische reden is dat golf vereist dat je een theoriecursus doet. Golf is immers de enige sport waarbij je je eigen scheidsrechter bent. En als scheidsrechter dien je alle regels te kennen. Ik vind het bijna aandoenlijk dat er een wereldsport is waarbij alle verantwoordelijkheid wordt neergelegd bij de spelers zelf. Het heeft iets moois en oprechts.

En dat examen? Hoewel ik op meerdere vragen blind gegokt heb, heb ik het gewoon gehaald. Dus volgende week mag ik de baan op.

Wie neem jij mee golfen?

Schrijf je samen in voor een gratis Open Golfdag bij jou in de buurt!

Klik hier
Lees meer over
Column
Aafke Romeijn

Aafke Romeijn zingt, schrijft en praat over politiek, feminisme, haar kat Henk en pulp-tv. En nu ook over golf, een wereld waar ze tot voor kort nóg geen weet van had.

}