herfst golfbal bladeren

Herfst- en wintertips

Kou, regen, wind; weersomstandigheden hebben grote invloed op de conditie van de baan, de vlucht van de bal en dus jouw spel. Hier vind je twintig gevarieerde tips om ook in de koude maanden met plezier te spelen en nog goed te scoren ook.

1. Kleding

Is het koud, kleed je dan extra goed aan. Ja, dat snapt een kind. Maar kies niet voor een heel dikke jas, maar voor meerdere dunne lagen over elkaar. Dat is ook heel handig als de temperatuur schommelt en gedurende de dag om een laagje meer of minder vraagt.

2. Schone clubs

Modder en nat gras blijven plakken op clubhoofden, dus er kunnen na een oefenswing grassprieten of nat zand achterblijven. Veeg daarom je clubblad schoon voor je echte slag, want modder of gras tussen bal en clubblad veroorzaakt verlies van afstand en controle.

3. Ligging

Fairways kunnen minder compact en natter zijn en waardoor de ballen dichter op de ondergrond liggen en niet mooi hoog op het gras. Neem vooral niet te veel risico bij een moeilijker ligging maar kies een club waarmee je altijd goed contact maakt met de bal.

4. Vlucht boven rol

Zijn de fairways nat, dan rolt een bal natuurlijk een stuk minder ver door. Kies daarom voor een club met meer loft (voor meer carry), bijvoorbeeld een 3-wood in plaats van een driver bij de afslag.

5. Betere warming-up

Een warming-up is in de kou nog belangrijker dan normaal, want het lichaam heeft meer tijd nodig om soepel en warm te worden. Als je meer kleding draagt zal je swing ook iets anders aanvoelen, daar wil je ook even aan wennen.

6. Balpositie

Een van de grootste gevaren van een natte en modderige ondergrond is dat je bij een slag de grond te vroeg raakt. Door de zachte ondergrond snijden je ijzers als een mes door boter en maak je geen goed contact meer met de bal. Wanneer je de balpositie wat meer naar rechts verplaatst, vergroot je de kans dat je eerst de bal raakt en dan pas de grond (zoals het moet). Je krijgt met deze balpositie wel een wat lagere balvlucht.

7. Natte rough

Wanneer de rough natter is, wordt het gras alleen maar taaier. Gevolg: het gras draait zich om de club heen. Wat kun je hiertegen doen? Neem een club met veel loft en wees realistisch, accepteer dat je minder afstand zult maken. Heel belangrijk, draai je clubhoofd in de beginpositie wat meer open, want het taaie gras zal je clubblad hoe dan ook wat dichtdraaien.

8. Tussen de bladeren

Probeer eerst je bal, voor zover mogelijk, vrij te maken zonder dat daarbij de bal beweegt of verrolt natuurlijk. Het is moeilijker om goed contact met de bal te maken dus reken erop dat er weinig spin of curve zal ontstaan en neem niet te veel risico. Leun wat meer op links, positioneer de bal meer bij de rechtervoet en durf goed door de bal te slaan. Wanneer je te voorzichtig bent en daardoor niet genoeg contact met de bal maakt, remmen de bladeren de bal veel af.

9. Natte bunker

Veel golfers denken dat ze harder moeten swingen in nat zand, het tegenovergestelde is het geval. Swing juist minder hard want de weerstand van het zand is minder, de bal schiet er makkelijker uit. Zorg daarom voor een rustiger swingritme en maak een wat steilere swing om toch voldoende onder de bal te kunnen slaan.

10. Chip met meer loft

Omdat de rol op de green moeilijker is in te schatten, is het verstandig de bal wat meer te laten vliegen. Het andere voordeel is dat greens zachter worden en de bal daardoor sneller stil ligt met een hogere chip.

11. Versnellen bij de chip

Durf goed door de bal te slaan. Wanneer je te voorzichtig bent op een zachte ondergrond, is het gevaar dat de bal te vet geraakt wordt en veel te kort blijft.  In de zomer kom je met een iets te vet geraakte bal vaak nog redelijk weg omdat de bal door de harde ondergrond meer rol krijgt.

12. Putten

Greens worden langzamer dus wil je meer snelheid aan je putts geven.  Maak een langere, langzame achterzwaai zodat de putter op een natuurlijke manier door de bal heen kan versnellen. Ga nooit harder slaan met de handen, maar blijf de pendulebeweging gebruiken.

13. Minder break

Wanneer greens langzamer zijn, krijg je ook minder break op de putts. Daardoor kun je wat agressiever putten, met name op  de kortere putts zullen de lijnen dan zeker rechter zijn dan op heel snelle greens. En probeer de bal bij een gemiste putt achter de hole te laten eindigen!

14. Minder spin

Nat weer zorgt voor nat gras, een natte bal en een nat clubblad. Dit alles zorgt voor minder frictie tussen de bal en het clubblad. Het gevolg daarvan is dat de bal minder spint en dat zorgt op zijn beurt voor een bal die verder vliegt! Met een ijzer kan dit zomaar tussen de drie en acht meter schelen.

15. Koude bal vliegt minder ver

Als het koud is, vliegt de bal minder ver. Een koude golfbal heeft minder elasticiteit waardoor die langzamer van het clubblad komt. Het verschil bij twee exact dezelfde swings bij 25 graden en 5 graden en geen invloed van de wind? Bij 25 graden vliegt de bal 285,5 meter en bij 5 graden 276,8 meter.

16. Minder dichte lucht

Vaak stijgt in de herfst de luchtvochtigheid. Veel golfers denken dat de bal daardoor minder ver vliegt. Dat is niet zo. Een hogere luchtvochtigheid zorgt namelijk door een lagere luchtdichtheid. Eenvoudig uitgelegd komt dat doordat het watermolecuul (H20) lichter is dan een droge luchtmolecuul (O2&N2) en de lucht daarom minder dicht is. Eigenlijk ontstaat er een vergelijkbaar effect met wanneer je op grote hoogte speelt.

17. Scoren

Je wilt natuurlijk altijd laag scoren, maar hoe realistisch is een handicapverlaging als je een ronde speelt in de kou op natte fairways en greens die hobbelen? Zelfs bij de beste pro’s van de wereld zie je de scores omhoog schieten in slecht weer. Maak je daarom bij herfst- en wintergolf niet te druk om je score, dat komt wel weer als de banen beter worden.

18. Kleurrijke ballen

Voor verreweg de meeste golfers hoort een golfbal traditioneel wit te zijn. Snappen we, maar misschien is in de donkere periode van de herfst en de winter een gekleurde bal toch zo gek niet. Volgens Srixon, een merk dat vooral de gele bal promoot, zie je op een afstand van 205 meter een gele bal twee keer beter dan een witte. Nog niet zo lang geleden waren gekleurde golfballen voorbehouden aan drivingranges of het waren van die harde kogels waar je nul gevoel mee kreeg. Die tijd is voorbij want steeds meer grote merken brengen hun premium ballen nu ook in kleur.

19. Follow the sun

De zon staat lager, je probeert de bal van je playing-partner tegen de zon in te volgen maar tevergeefs. John Dunn werkte jarenlang als caddie op een groot aantal golfbanen en hij schreef over zijn ervaringen het boek Loopers, A Caddie’s Twenty-Year Golf Odyssey. Dunn heeft de volgende tip: “Volg de bal vanaf het moment van raken tot die het hart van de zon bereikt, schat dan in waar de bal gaat neerkomen. Dat werkt veel beter dan de bal proberen te volgen want in de zon verlies je de bal hoe dan ook uit het oog.”

20. Wat doet modder?

Vaak mag je 'plaatsen' als de fairways heel nat en modderig zijn, want je krijgt dan onherroepelijk modder aan de bal. Wat betekent dat voor de balvlucht? De golfgeleerden zijn het er nog steeds niet helemaal over eens maar als basisregel kun je dit wel stellen: modder links op de bal, de bal heeft de neiging naar rechts af te breken. Modder rechts, bal gaat meer naar links. Modder bovenop de bal? De bal spint meer en gaat hoger de lucht in. Speel je gewoon een vriendschappelijk rondje met vrienden en mag er niet geplaatst worden, doe dan niet moeilijk en spreek af dat je de bal wel mag schoonmaken en plaatsen.

De (instructie)tips komen van Sjors Lemmens, PGA Professional en head pro van de Impact Golf Academy Maastricht op International Golf Maastricht. Tip 14, 15 en 16 komen van Timothy Beumer, sales manager van Trackman, het apparaat dat alles meet van de balvlucht, spin, etc. 

divot plag golf
Moeilijke liggingen