Vaak bepaald de ligging de keuze die je moet maken om met succes de bal naar het doel te spelen. Met die ligging bedoelen we dan meestal de ondergrond en in het zand is dat niet anders. In het najaar kun je vaker regen verwachten en de temperaturen zijn lager, waardoor het zand regelmatig nat is en minder snel opdroogt. Het is dan extra belangrijk om de ondergrond goed in te schatten: is het hard of zacht zand? TeamNL-coaches Taco Remkes en Dewi Claire Schreefel laten je twee opties zien.
Het is belangrijk om de club onder het zand te laten komen en zo controle op de vlucht en spin te krijgen. Daarvoor zet Remkes het clubblad een beetje open, maar hij houdt zijn handen lager en wil daardoor de hiel van de club gebruiken om door het harde zand te snijden. Als je dat combineert met een steilere swing komt de bal op de juiste manier uit de bunker.
Als er veel zand in de bunker ligt, wil je juist het tegenovergestelde. De club moet zich niet ingraven, want dan gaat alle energie naar het zand en niet naar de bal. Schreefel gaat wat verder van de bal staan en maakt een swing die iets ronder is. In dat geval wordt de bounce van de club gebruikt en die zorgt ervoor dat het clubblad niet ingraaft. De bal zal daardoor mooi uit de bunker vliegen.