Een jongetje dat iedere dag met zijn opa naar de golfbaan gaat. Het was het krantenartikel over Bengt Smulders dat de aandacht van Sem van Ginneken trok. Niet omdat hij zelf iets met golf had - integendeel. "Ik wist helemaal niks van de sport", vertelt hij.
Maar het verhaal intrigeerde hem. Van Ginneken liep op dat moment stage bij een documentaireproductiebureau en was op zoek naar een onderwerp voor zijn afstudeerproject. Hij zocht verder naar het verhaal achter de korte krantenpassage en maakte kennis met Bengt en zijn opa. "Toen bleek al snel dat die sport bij hen heel diep zit. Het is echt hun ding."
Bengt is inmiddels 14 jaar en golft bij Golfclub Stippelberg. Zijn opa haalt hem iedere dag op en brengt hem naar de club. Daar gaan ze vervolgens ieder hun eigen weg. Bengt traint en speelt, zijn opa doet zijn eigen ding. Maar ze zijn samen op de plek waar hun gezamenlijke passie ligt. Die band is niet toevallig ontstaan. Bengt kwam veel bij zijn grootouders thuis en zijn opa zocht naar iets wat hij samen met zijn kleinzoon kon doen. Dat werd golf. Bengt bleek talent te hebben en de gezamenlijke uitstapjes naar de golfbaan groeiden uit tot een vast onderdeel van hun leven. "En het mooie is dat verder niemand in de familie iets met golf heeft."

Het verhaal gaat volgens hem dan ook niet in de eerste plaats over golf. "Het draait om de band tussen een opa en zijn kleinzoon. Ik denk dat bijna iedereen wel iets van zijn eigen opa daarin herkent. En dat veel kinderen een naam 'kiezen' voor hun opa of oma, bijvoorbeeld Opa Snor of Kleine Oma, voor Bengt is dat Opa Golf."
Opvallend is dat documentairemaker Van Ginneken zelf geen golfer is. Hij begon de sport van buitenaf te bekijken en ontdekte tijdens het maken van de documentaire een wereld die hij nog nauwelijks kende. De eerste keer verscheen hij zelfs in een spijkerbroek op de golfbaan. "Ik dacht: dat kan toch wel? Maar ik kreeg al snel te horen dat dat niet helemaal de bedoeling was." In de periode daarna leerde hij de regels en gebruiken van de sport kennen. Ook raakte hij onder de indruk van wat er fysiek en technisch bij golf komt kijken. "Ik heb eigenlijk heel veel over de sport geleerd. Ook over de gedrevenheid. En hoeveel afstand zij op een dag lopen, daar had ik wel respect voor. En de techniek vind ik ook heel interessant."
Er zit niks van kak in
Het veranderde bovendien zijn beeld van golfers. Het stereotype dat hij vooraf misschien in zijn hoofd had, bleek niet te kloppen. Bengt komt uit Helmond, zijn opa spreekt volgens Van Ginneken "echt heel erg Brabants" en van een afstandelijke of elitaire wereld was voor hem geen sprake. "Er zit niks van kak in", zegt hij lachend. "Dat viel mooi samen met het verhaal, omdat het niet het stereotype beeld is dat mensen soms van golf hebben."
Voor de documentaire liep Van Ginneken eerst meerdere keren met Bengt en zijn opa mee. Hij ging bij hen thuis langs, at met hen en leerde hun dagelijkse routine kennen. Daarna volgden drie draaidagen bij Stippelberg. Op draaidag één golften Bengt en zijn opa samen. Een andere dag golften ze ieder hun eigen ronde. En voor de film speelde het tweetal ook een wedstrijdje tegen elkaar. "Dan zie je ook dat opa wel trots is op hoe zijn kleinzoon nu van hem wint."
Het resultaat is een film van achttien minuten. Kort, maar volgens Van Ginneken, "lang genoeg om de essentie van hun verhaal te vertellen."
Hoewel Van Ginneken aanvankelijk vooral als journalist naar het verhaal keek, ontdekte hij tijdens het maken ook iets persoonlijks. Zijn eigen vier grootouders leven nog en ook hij heeft een bijzondere band met zijn opa. "Mijn opa heeft mij ook een beetje in de tenniswereld getrokken. Wij deden ook altijd samen aan sport. Die liefde van een opa en kleinzoon die samen een sport doen, is dus wel herkenbaar voor mij."
Van Ginneken maakte de documentaire als afstudeerproject voor zijn opleiding journalistiek. Hij pakte het groter aan dan noodzakelijk was: met een cameraman, geluidsman en externe editors voor audio en kleur. Hij investeerde er ook zelf geld in. De opleiding beoordeelde het project uiteindelijk met de hoogste beoordeling: uitmuntend.
Dat Opa Golf nu op een filmfestival wordt vertoond, maakt hem vooral trots. "Ik vind het heel mooi dat het verhaal een podium krijgt met een documentaire. En het is leuk om te zien dat het op verschillende plekken begint te landen. Ik hoop eigenlijk alleen maar op meer vertoningen en dat de film een groter podium krijgt."