Tony Jacklin en Jack Nicklaus, Ryder Cup 1969, Royal Birkdale
Beeld: Getty Images
Ryder Cup 1989, The Belfry
Beeld: Getty Images
Ian Woosnam en Nick Faldo, Ryder Cup 1989, The Belfry
Beeld: Getty Images
Ryder Cup 1997: Europa won op Valderrama Golf Club
Beeld: Getty Images
Ryder Cup 2010, mist op Celtic Manor in Wales
Beeld: Getty Images
De captains in de Ryder Cup 2012, Medinah CC
Beeld: Getty Images
2012: The Miracle at Medinah
Beeld: Getty Images
Christel Boeljon in de Solheim Cup van 2011
Beeld: Getty Images

Niets zo mooi als de Ryder Cup

22 september 2016 Redactie GOLF.NL
De grootste, belangrijkste en volgens velen mooiste wedstrijd in golf die er is, staat op het programma: de Ryder Cup. We vroegen een aantal namen in golf naar hun favoriete en meest memorabele moment in het tweejaarlijkse duel tussen Europa en Amerika.

Daan Slooter, toernooidirecteur KLM Open & commentator Ziggo Sport Golf

“De putt die Tony Jacklin in 1969 op de laatste hole van Jack Nicklaus kreeg, is voor mij het meest memorabele Ryder Cup-moment. Nicklaus is, samen met Seve, altijd mijn golfheld geweest. Hoe Nicklaus zich gedroeg en omging met zijn ambassadeursrol voor golf en zijn sportiviteit, dat was echt geweldig. Hij kreeg voor het geven van die putt in de laatste partij de hoon van het hele team over zich heen, omdat ze allemaal zeiden dat hij Jacklin had moet laten putten, maar dat vond hij onzin. Nicklaus wilde Jacklin niet de kans geven de putt te missen omdat het zijn hele carrière kapot zou kunnen maken. Nicklaus is uiteindelijk ook de redder geworden van de hele Ryder Cup. Hij heeft ervoor gezorgd dat het team van Groot-Brittannië en Ierland uitgebreid is naar Europa.

"Hoe Nicklaus zich gedroeg en omging met zijn ambassadeursrol voor golf en zijn sportiviteit, dat was echt geweldig."

Een ander memorabel moment voor mij was de vrijdagochtend op de eerste tee van de Ryder Cup in 2010 in Wales. Ik stond op de eerste tee terwijl de eerste partij afsloeg. Het zingen, het gejoel en de spanning waren geweldig. Het was heel erg mistig in het zompige Cardiff en het was om zeven uur ’s ochtends al helemaal afgeladen. Prachtig om mee te mogen maken. Vier jaar later in Schotland was het een beetje gemaakt. Daar hadden ze een zanggroep ingeschakeld voor de liedjes, maar in Wales was het echt spontaan en zorgde het voor een geweldige sfeer. Als het evenement en de situatie zich ervoor leent, dan ontstaat die sfeer vanzelf, en niet omdat die gemaakt wordt.

1999 op Brookline was een dieptepunt als toeschouwer. We stonden er niet zelf bij, maar zagen op een groot scherm op de achttiende hoe Justin Leonard voor Amerika de beroemde lange putt holede en vervolgens uitzinnig de green oprende. In eerste instantie waren de Amerikanen om ons heen helemaal uitzinnig, totdat iedereen begon te begrijpen dat het belachelijk was dat de Amerikanen op de green al feest stonden te vieren terwijl Olazábal nog een putt had voor de halve. Je voelde een soort verontwaardiging en schaamte opkomen. Dat was heel vreemd en het dieptepunt van die editie. Montgomerie werd ook de hele week uitgejouwd. Ik voelde me af en toe niet eens helemaal veilig op de tribune.”

Maarten Lafeber, winnaar KLM Open 2003, bondscoach

“De Ryder Cup die Europa won op Valderrama in 1997, die vond ik heel erg mooi. Met Constantino Rocca en Freddie Couples die geweldig speelde en Seve Ballesteros als captain. Darren Clarke was ook in topvorm en Lee Westwood deed het waanzinnig goed in zijn debuut. Ik weet nog goed dat hij speelde met Nick Faldo, zijn grote voorbeeld. Ook de Amerikanen hadden een mooi team met oudere spelers als Tom Lehman, Lee Janzen. Dat vond ik toen echt erg gaaf om naar te kijken. En natuurlijk naar Tiger Woods, die dat jaar ook zijn debuut maakte in de Ryder Cup.

"Wat ik van die jongens begrepen heb, is dat het niet te beschrijven is, de druk die je dan voelt."

De laatste Ryder Cups waren ook mooi, maar ik had daar zelf iets minder mee. Medinah was fantastisch, ongelofelijk hoe Europa terugkwam, maar ik heb meer met de oude Ryder Cups met spelers als Langer, Faldo en Ballesteros. Dat waren spelers die voor mij een voorbeeld waren en tegen wie ik enorm opkeek. Het is mooi om te zien hoe Jamie Donaldson een paar jaar geleden voor Europa de Ryder Cup won, maar daar heb je zelf zo vaak mee gespeeld, tegen die spelers kijk je niet meer op.

Wat ik van die jongens begrepen heb, is dat het niet te beschrijven is, de druk die je dan voelt. Ik heb de Ryder Cup nooit gespeeld, maar begrijp wel dat er niets is zoals de Ryder Cup. Dit jaar kan het weleens bijzonder gaan worden. Europa en Amerika hebben jonge teams dus het kan beide kanten opgaan. Amerika is heel erg sterk, Europa moet echt aan de bak. Het zou niet slecht zijn voor de Ryder Cup als Amerika dit jaar wint.”

Robert-Jan Derksen, tweevoudig European Tour winnaar

“Als je tegen mij Ryder Cup zegt, dan zeg ik 1989. Dat komt omdat ik in 1988 was begonnen met golfen en de Ryder Cup van 1989 was de eerste die ik op televisie zag. Als je de namen opnoemt van het Europese team: Ronan Rafferty, Mark James, José María, Nick Faldo, Ian Woosnam, Gordon Brand, Seve Ballesteros, Sam Torrance, José Maria Cañizares, Bernhard Langer, Christy O’Connor en Howard Clarke. Ik ging toen elk jaar naar het KLM Open, en daar liepen deze twaalf mannen ook. Ik vond dat echt schitterend. 

De huidige sterren, Tiger Woods en dat soort jongens, staan, ondanks dat ik zelf ook met hen heb gespeeld, toch verder weg dan al deze namen. Op het moment van spelen in de Ryder Cup zijn alle spelers natuurlijk goed, maar als je kijkt naar de Ryder Cups van de laatste jaren, zie je dat er meer wildcards worden gegeven en dat je als je een of twee grote toernooien wint sneaky het team in kan komen. Denk aan Jarmo Sandelin, Jean van der Velde of Andrew Coltart. Dat zijn jongens die in de Ryder Cup hebben gespeeld, maar geen echte grootheden zijn.

"En daarna stonden ze alle twaalf op het Dutch Open, dat vond ik wel echt geweldig."

De Ryder Cup op Valderrama in 1997 is mij ook goed bijgebleven. Daar werd een niveau gehaald dat ik nog nooit heb gezien. De baan was nat, dus het was echt target golf, maar als je kijkt naar hoeveel ballen buiten de green werden uitgeholed of binnen een meter werd geslagen, dat was werkelijk ongelofelijk. 

Seve was de captain van Europa en je hoorde verhalen dat hij het liefst zelf alle partijen had gespeeld. Op een gegeven moment ging hij zelfs Montgomerie vertellen hoe hij de bal moest slaan. En dan Monty die zei: 'Seve, luister, ik heb acht keer de Order of Merit gewonnen en ik weet echt wel hoe ik een bal moet slaan.' Er is veel te doen geweest om Seve en hoe hij als captain totaal niet correct handelde, maar Europa won de Ryder Cup en dus had niemand het er meer over. En daarna stonden ze alle twaalf op het Dutch Open, dat vond ik wel echt geweldig. Ik denk dat de Amerikanen dit jaar een sterker team hebben. De Ryder Cup kan een zege van Amerika volgens mij wel goed gebruiken.”

Liz Weima, winnaar Deloitte Ladies Open 1994

“Het mooiste Ryder Cup moment voor mij is niet zo heel lang geleden: 2012, het jaar dat José María Olazábal captain was en Seve Ballesteros een jaar eerder overleden was. Dat was zo emotioneel, echt prachtig. De onmogelijke comeback van Europa op zondag – The Miracle at Medinah – duurde tot diep in de nacht, en natuurlijk bleef ik kijken. 

"De rivaliteit tussen de beste spelers van de twee continenten, de historie, emotie en teamspirit maken het uniek."

Matchplay is op zichzelf al een spannende spelvorm, een ‘gevecht’ tegen elkaar, en in de Ryder Cup wordt dat gevecht op het scherpst van de snede gespeeld. De rivaliteit tussen de beste spelers van de twee continenten, de historie, emotie en teamspirit maken het uniek. Al die elementen kwamen in 2012 terug in Amerika. Met name de emotie van José María Olazábal en zijn tranen toen hij met Europa het onmogelijke had gepresteerd vond ik echt prachtig.”

Christel Boeljon, winnaar Deloitte Ladies Open 2015 en speler in de Solheim Cup 2011

“Het uitkomen voor je eigen land is altijd heel speciaal. Wat het nog specialer maakt is het uitkomen voor Europa, je bent deel van een team waarmee je heel Europa representeert. Er komt veel druk bij kijken, maar je bent vooral heel erg gebrand om je te bewijzen en te laten zien waarom je Europa vertegenwoordigt. 

"Je bent deel van een team waarmee je heel Europa representeert."

De laatste hole in mijn single in 2011 in de Solheim Cup – de Ryder Cup voor vrouwen – was heel belangrijk. Ik speelde de zesde partij van de singles op zondag en mijn punt op dat moment betekende dat we nog steeds een kans hadden om het tij te keren. Ik was nerveus, maar eigenlijk ontzettend geconcentreerd en had mijn spel onder controle. Het is heel bijzonder en als golfer op de Tour maak je deze momenten echt bijna nooit mee. Die steek je in je broekzak, want dat vergeet je echt nooit meer.”

Jan Kees van der Velden, hoofdredacteur Golfers Magazine en commentator Ziggo Golf

“De Ryder Cup in 1989 op de Belfry was de eerste waar ik zelf bij was, dus die blijft mij altijd bij. Ik kwam met mijn Opel Kadett vanaf de verkeerde kant de Belfry oprijden. De man bij de ingang zei ‘U bent verkeerd, dit is de ingang niet. De goede ingang is helemaal aan de andere kant, maar weet u wat u doet, gaat u hier maar naar binnen, maar rijd voorzichtig’. En wat bleek, ik reed dwars door de baan heen, over een karrenspoor voor de buggy’s tussen de bezoekers door langs het tentendorp naar het perscentrum. Dat zou nu echt volkomen onmogelijk zijn. Het was veel kleinschaliger en je kon op de rand van de green zitten. 

"Het was muisstil. Pure spanning. Spelers zeiden niets, officials zeiden niets, het publiek was stil." 

De eerste wedstrijddag zal ik ook nooit vergeten. Ik had keurig een armband om en mocht als Nederlander tussen de touwen. Je liep gewoon de tee op en stond naast de spelers. Het regende heel zachtjes en er stond zes, zeven rijen dik publiek met paraplu’s. Het was muisstil. Pure spanning. Spelers zeiden niets, officials zeiden niets, het publiek was stil. Het enige wat je hoorde was het getik van regen op de paraplu's. Dat was een moment dat je dacht ‘Hier is iets aan de hand, dit is écht iets’. Destijds was de rivaliteit tussen Europa en Amerika ook al behoorlijk, maar het was wel vriendschappelijker. Nu is het echt op het scherp van de snede. Het Europese team, met Woosnam, Langer en Faldo die hun gouden jaren beleefden, was fantastisch. De 14-14 eindstand, Europa hield de cup, was eigenlijk een beetje een anticlimax.’

Dit is een deel van een artikel dat verschenen is in het magazine GOLF.NL van augustus 2016.