Duurzaamheid

De robots komen eraan: hoe verandert het werk van de greenkeeper?

Robotmaaiers op de golfbaan zijn geen toekomstmuziek meer. Op Golfclub De Dommel rijden ze al rond op de fairways en drivingrange. Hoofdgreenkeeper Koert Donkers ziet vooral kansen: niet omdat robots het vak vervangen, maar omdat ze greenkeepers tijd geven voor werk dat de baan écht beter maakt.

Robotisering zie je overal, en dus ook steeds vaker op de golfbaan. Waar de greenkeeper vroeger veel tijd op de maaier doorbracht, verschuift het werk langzaam naar plannen, bijsturen, analyseren en verfijnen. Op Golfclub De Dommel werkt hoofdgreenkeeper Koert Donkers inmiddels met meerdere robotmaaiers. Vier rijden er op de fairways, dat moeten er uiteindelijk zes worden. Daarnaast zijn er twee robots op de drivingrange voor het rapen van ballen.

Wanneer dacht jij voor het eerst: robotmaaiers kunnen op een golfbaan echt iets toevoegen?

“Mijn eerste ervaring met robots op een golfbaan was al acht tot tien jaar geleden. Toen ging het om een robot voor het rapen van ballen op de drivingrange. Maar het moment waarop ik echt werd getriggerd, was tijdens een bijeenkomst van de Europese Greenkeepers Associatie. Daar vertelde iemand van een baan in Noord-Duitsland dat hij met een heel ‘personeelsbestand’ aan robots werkte. Die maaiden daar eigenlijk alles. Toen dacht ik: wow, dit is het.”

“Sindsdien is de techniek hard gegaan. De robots zijn slimmer geworden, de aansturing is beter, de communicatie is beter. Waar vroeger nog veel extra ondersteuning nodig was, wordt dat nu steeds minder.”

Wat maakt kleine robots interessant ten opzichte van grote maairobots?

“Ik ben nooit zo’n grote voorstander geweest van enorme autonome machines. Ook qua wetgeving is dat lastig, want daar moet iemand in de buurt zijn. Maar kleine robots die je centraal kunt aansturen, en die in de toekomst misschien ook met elkaar communiceren, dat vind ik interessant.”

“Een ander voordeel zit in het onderhoud. Bij grote maaimachines heb je veel traditioneel onderhoud, zoals lagers, afstelling en het slijpen van de maaicilinders en messen van kooimaaiers. Bij kleine robotmaaiers zijn de slijtageonderdelen minimaal. Je vervangt een keer in de zoveel tijd de mesjes en je rijdt weer.”

“Ook voor de baan zelf vind ik het verschil belangrijk. Kleine robots zijn lichter en verstoren de ondergrond minder dan grote machines. Op een gegeven moment merk je ze bijna niet meer op. Dat is toch anders dan zo’n grote maaier die over de baan gaat.”

Wat doen de robots op De Dommel op dit moment?

“Nu rijden er vier van Husqvarna op de fairways, maar dat worden er zes. De fairways worden veel vaker gemaaid dan voorheen. De maaifrequentie is bizar hoog. Ze worden bijna zeven keer per week gemaaid. Daardoor worden de fairways alleen maar beter.  Daarnaast hebben we twee robots op de drivingrange voor het ballen rapen. De robots gaan uiteindelijk ook de semi-rough meenemen. In totaal komen we straks op acht robots.”

Ik ben geen greenkeeper geworden om te maaien

Wat merkt de golfer daarvan?

“Doordat je vaker maait, krijg je een gelijkmatiger maaibeeld. De fairways worden beter. Voor golfers betekent dat uiteindelijk betere speelcondities. We moeten nog wel blijven kijken naar het effect op de spelkwaliteit. Met grote maaimachines heb je ook een bepaald effect van rollen en druk op de grasmat. Misschien moeten we dat op andere manieren nabootsen, bijvoorbeeld door vaker te vegen, rollen of verticaal te maaien. Het is nog steeds in ontwikkeling.”

Neem je met robots uiteindelijk niet al het werk van de greenkeeper weg?

“Ik ben geen greenkeeper geworden om te maaien. Maaien is belangrijk, maar het is ook routinematig werk. Alles wat routinematig gedaan wordt, maakt niet uit in welke bedrijfstak, wordt op een gegeven moment overgenomen door robots. Dat is gewoon een feit. Dan kun je beter kijken: hoe kan ik die techniek gebruiken om mijn baan leuker en beter te maken? Als we minder hoeven te maaien, kunnen we meer aandacht besteden aan bunkers, greens, details, onkruid en natuurbeheer.”

Waar blijft de greenkeeper dan onmisbaar?

“Er blijft genoeg werk over dat robots niet kunnen. Wij hebben veel heide op de baan. Om die goed te ontwikkelen, moet je soms met de hand werken. En natuurlijke bunkerranden lijken misschien onderhoudsarm, maar dat is een misverstand. Daar zit juist veel tijd in.”

“Ook de ontwikkeling naar pesticidevrij werken maakt vakmensen belangrijker. Onkruid kun je straks niet meer zomaar met middelen bestrijden. Dat moet handmatig of op andere manieren. Daar heb je mensen voor nodig.”

Is robotisering een oplossing voor het tekort aan greenkeepers?

“Het is een deel van de oplossing, maar ook een gevaar als banen denken dat dit dé oplossing is. Je moet blijven investeren in kwaliteit en dus ook in mensen. Bij De Dommel is de insteek niet: we zetten robots neer en besparen op alles. De insteek is: we gebruiken robots zodat we ergens anders in kwaliteit kunnen investeren.”

Wat vraagt deze ontwikkeling van de greenkeeper van de toekomst?

“Meer gevoel voor techniek, software en data. Je moet jezelf ontwikkelen, maar de besturing wordt ook zo gemaakt dat wij het snappen. Bij De Dommel kunnen we veel zelf instellen. We kunnen zelf lijnen uitzetten, zelf aanpassen en zelf onderdelen vervangen. Software-updates gaan met één druk op de knop. Dat is fantastisch. Die gebruiksvriendelijkheid is belangrijk. Je hoeft niet overal een monteur voor te hebben. Als iemand goed wordt getraind en de juiste spullen heeft, kan hij veel zelf doen.”

Mijn toekomstbeeld is dat een drone ’s ochtends over de baan vliegt en aangeeft waar er onderhoud nodig is

Wordt de robotmaaier straks ook een meetinstrument?

“Dat is een gave trend. Robots kunnen met sensoren ook de bodem, vocht, ziektes of onkruid meten. De mogelijkheden zijn enorm. Op De Dommel halen we al veel data op. We hebben sensoren in greens, we meten organische stof, we hebben weerstations. De vraag wordt straks: wat doen we met al die data?”

“Vooral bij duurzaam en pesticidevrij baanonderhoud kan dat belangrijk worden. Als je preventief wilt werken, moet je eerder kunnen detecteren. Onkruid, schimmels, droogteplekken: hoe eerder je dat ziet, hoe gerichter je kunt ingrijpen.”

Zijn er ook nadelen of vragen waar nog geen antwoord op is?

“Ja, bijvoorbeeld als robots ’s nachts maaien. Dan krijg je vragen over egels en andere dieren en of ze verstoord worden in hun ritme. Dat is iets waar we over moeten nadenken. Tegelijk verwacht ik dat techniek daar ook oplossingen voor gaat bieden. De kleinste robots hebben al camera’s. Als zo’n robot iets ziet liggen, draait hij om. Dat soort oplossingen komen eraan.”

“Ook is nog niet alles bekend over het effect op de grasmat en speelcondities. De eerste tekenen zijn positief: hoge maaifrequentie, lichtere machines, minder belasting. Maar we moeten blijven kijken wat het precies doet.”

Gaan robotmaaiers normaal worden op Nederlandse golfbanen?

“Ik denk dat het merendeel van de golfbanen bij hun volgende investering nog meer naar robots gaan kijken. Soms zit je met machines met een afschrijvingstermijn van tien jaar, dus dat gaat stap voor stap. Maar de ontwikkeling zie je gewoon. Ik ben een blije robotgebruiker. Niet omdat de robot alles oplost, maar omdat het ons helpt de golfbaan beter te maken.”

En na de robotmaaier: komen straks de drones?

“Dat is al aan het gebeuren. Niet per se om meteen van alles te doen, maar vooral om beter te meten vanuit de lucht. Denk aan droogteplekken of andere schade op de baan. Mijn toekomstbeeld is dat een drone ’s ochtends over de baan vliegt, dat de data binnenkomt en dat je op basis daarvan besluit waar bemesting, beregening of ander onderhoud nodig is. Dan kun je veel gerichter werken.”

Lees meer over
Duurzaamheid Greenkeeping