“Waar is mijn tas?”, roep ik wanhopig op hole 5 van De Kroonprins. Ik heb zojuist mijn bal jammerlijk over de green heen gechipt en wil mijn sandwedge schoonmaken voor een nieuwe poging aan de overzijde. Maar mijn tas lijkt foetsie.
“Hebben jullie mijn trolley gezien?”, vraag ik verbaasd aan mijn broertje Jesper en andere golfmaat Rutger, die aan de andere kant van de sterk geonduleerde green staan. Ze hebben geen idee.
En dan word ik bevangen door de grootste schrik van iedere golfer. Aan de rand van de sloot die aan de hole grenst, steekt een zwart wieltje nét boven het water uit. Het zal toch niet.
Het is echt waar. Kennelijk ben ik vergeten de rem van mijn trolley in te drukken, want terwijl ik nietsvermoedend aan het chippen was, is mijn complete uitrusting achter mijn rug de plomp in gereden.
Gelukkig waren die nieuwe wedges nog niet binnen
Met het hart in mijn keel probeer ik te redden wat er te redden valt. Jesper en Rutger komen aangesneld om me te helpen. “Dit kan er maar weer een overkomen…”, merkt mijn broertje (terecht) op.
Met mijn ‘scheve S’je’ – is die club toch nog ergens goed voor – trek ik de tas naar me toe en lukt het om het hele gevaarte op het droge te krijgen.
Vlug neem ik de schade op. Ik tel mijn clubs en gelukkig: alles is nog compleet. Autosleutels? Check. Portemonnee? Check. Het enige wat het begeven heeft, is mijn goedkope Temu-rangefinder.
“Het kon veel erger. En gelukkig waren die nieuwe wedges nog niet binnen”, probeer ik toch maar weer een positieve draai te geven aan dit debacle.
Zelfspot is misschien wel het grootste goed voor middelmatige golfers
Hole 6, een lastige par 5, kom ik warempel redelijk door met een dubbel-bogey, waardoor ik een nieuw programma-idee voorlopig laat varen: 12 holes, 13 ongelukken.

Het is prachtig weer, het gezelschap is uitstekend, er wordt flink gelachen – zelfspot is misschien wel het grootste goed voor middelmatige golfers – en toch concludeer ik na achttien holes dat ik een nieuw dieptepunt heb bereikt.
Want feitelijk is deze ronde volledig in het water gevallen, met een totaalscore van 109 vanaf blauw. Temeer omdat mijn broertje bij zijn allereerste 18-holesronde meteen uit zijn slof schiet: 93 vanaf dezelfde kleur. “Die gaat zijn dipjes ook nog wel krijgen”, stelt Rutger (100 vanaf geel) me gerust.
Toch kan ik niet ontkennen dat het pijn doet. Waar mijn missie – Breaking 100 vanaf geel – qua dramatiek inmiddels begint te lijken op een epische beklimming van de Mont Ventoux, neemt Jesper deze hobbel alsof het slechts een terp betreft.
Na de ronde zoek ik steun bij mijn overbuurman en trouwe golfvriend Ton. ‘Na twee jaar golf is er niets meer van mijn ego over’, app ik naar hem. ‘Maar je nederigheid is gegroeid’, antwoordt Ton. ‘En dat siert je.’
Met die troostvolle gedachte ga ik moedig voorwaarts. Golf maakt je een rijker mens.
Wil je reageren of heb je tips voor mijn doel Breaking 100? Mail dan naar roy.heethaar@golf.nl.