Breaking 100 met Roy

Roy raakt vlak voor zijn ronde twee clubs kwijt: 'Eigenlijk verdien ik er duizend slagen mee'

Van handicap 54 naar misschien ooit een single handicap? Roy Heethaar is inmiddels geen beginner meer en jaagt in 2026 op Breaking 100. De soepele swing die hem in Zwolle zijn doorbraakronde opleverde, lijkt pardoes verdwenen. En twintig minuten voor zijn starttijd op 't Sybrook ontdekt Roy dat er nog iets ontbreekt...

Joost Luiten die het ineens kwijt is op het KLM Open en zijn caddie voor de bus gooit. Of Scottie Scheffler die ook zijn ‘secondant’ afsnauwt na een zeldzame waterbal. En Bryson DeChambeau die ten einde raad naar AI grijpt om zijn swing te fiksen. Dat golf zelfs de allerbesten soms tot wanhoop drijft, is ergens ook geruststellend.

Want mijn golfjaar begint inmiddels ook weer een patroon te vertonen. Na de eureka in april, kwam de impasse in mei (net als in 2025).

Ik kan mijn verbazing niet onderdrukken en iedereen op de drivingrange kan meegenieten

De swing die me in Zwolle een doorbraakronde opleverde (94 vanaf rood), lijkt pardoes verdwenen. De over-de-topbeweging waarvan ik dacht verlost te zijn, duikt opnieuw op. En alsof dat nog niet genoeg is, kom ik vlak voor mijn vrijdagavondronde op ‘t Sybrook tot een vervelende ontdekking.

Mijn pitchingwedge is spoorloos.

Er ontbreekt iets in de tas van Roy

“Hè, hoe kan dit?!” Ik kan mijn verbazing niet onderdrukken en iedereen op de drivingrange kan meegenieten. Ik ben eerder al een ijzer-5 kwijtgeraakt en een sandwedge. Nooit meer teruggevonden. Ook mijn oude putter had ik hier al eens laten slingeren, maar die kwam wel weer boven water.

KLM Open op Trackman

Hmm, wat nu… Nog twintig minuten tot de starttijd. Vlug naar het clubhuis. De dag ervoor heb ik hier immers nog een mandje ballen weggeslagen op de virtuele baan van The International (was ik er toch nog een beetje bij op het KLM Open).

“Is mijn linkshandige pitchingwedge hier misschien gevonden?”, vraag ik aan de vriendelijke jonge vrouw bij wie ik even daarvoor mijn greenfee had afgerekend. “Nou, de shop is eigenlijk al gesloten, maar ik loop wel even met je mee…”, zo luidt de aarzelende respons.

Ze moet even zoeken, maar dan schiet het haar ineens te binnen. “Oja! Deze zijn hier gisteren als setje afgeleverd.” Ze haalt twee clubs tevoorschijn. “Ben je toevallig ook je putter kwijt?”

Ik zie het meteen, de headcover van mijn PING Anser herken ik uit duizenden. “Dit meen je niet. Ook mijn peperdure putter!? Wat zijn het toch eerlijke mensen, die golfers. Maar eigenlijk verdien ik er duizend slagen mee.”
“Kan geregeld worden, hoor”, klinkt het behulpzaam.

Zo raak ik nooit meer een club kwijt

In de baan gaat het me niet meer mis. Altijd je clubs in de looplijn naar je tas leggen, ik ben ervan doordrongen. Maar op de drivingrange heb ik dus duidelijk mijn kop er niet bij. Elke club die uit de tas gaat moet er ook meteen weer ín zodra je wisselt; dat wordt mijn nieuwe mantra. En dus niet meer nonchalant je club tegen de muur zetten. Even tellen voordat je vertrekt is bovendien geen overbodige luxe.

Met een mengeling van opluchting en pure ontzetting haast ik me aan de zijde van mijn speelmaat Justin naar de eerste tee van Noord. Lekker begin weer.

Justin slaat af

Het is rustig in de baan, want er was slecht weer voorspeld. Maar we houden het zowaar de hele ronde droog en de fairways en greens liggen er werkelijk piekfijn bij. De uitbundige rododendrons en het felle groen vormen een prachtig decor. Daar zal het niet aan liggen.

Wel aan mijn vorm. Smoesjes of niet, maar direct na een volle werkweek (en weinig slaap) gaat het allemaal net even wat minder dan in alle rust op de zondagmiddag (zoals in Zwolle).

Wat is nu eigenlijk belangrijker in golf, techniek of het mentale aspect?

En daarmee kom ik uit bij de vraag die me al lang bezighoudt: wat is nu eigenlijk belangrijker in golf, techniek of het mentale aspect? Ik denk dat het antwoord is: allebei. Het een versterkt het ander. Als je techniek op orde is, zorgt dat voor rust. Het mentale aspect heeft dan minder kans om je spel te verstoren. Maar andersom werkt het net zo goed. Zodra je moe bent, gehaast of met je hoofd ergens anders zit, verslapt ook de techniek weer.

Bottom line is denk ik wel: hoe beter je techniek, hoe minder het een mentaal spel wordt. Al verschuift daarmee ook weer je verwachtingspatroon. ‘Golf is a never ending story’, las ik ooit al eens op een tegeltje.

't Sybrook ligt er prachtig bij

Ik ben er inmiddels wel achter dat ik mijn beste golf speel wanneer ik ontspannen en zonder haast de baan in ga. Toch lukt dat zelden. Drukke werkweken, twee jonge kinderen, korte nachten. Maar het hoort er allemaal bij in mijn missie om voor het einde van 2026 onder de 100 te duiken vanaf geel.

Lukt het vanaf blauw?

Ditmaal probeer ik het vanaf blauw, maar al snel besef ik dat het deze avond niet gaat lukken. Ik moet het uiteindelijk doen met 109 op deze lastige baan. Opmerkelijk genoeg sla ik de beste ballen uit de moeilijkste posities. Bij een downhill-ligging op de rand van de bunker (foto bovenaan) en vanuit de hoge rough tussen de bomen door (op de green), zoals je in deze Instagram-reel kunt zien:

en accepteer marketing cookies om deze inhoud te kunnen bekijken.


Ook dat is weer mentaal: bij die lastige slagen daalt er een soort onbevangenheid over me heen, die kennelijk bevrijdend werkt.

De hoge duikplank

Misschien is de golfswing uiteindelijk wel een beetje als springen van een hoge duikplank. Zolang je boven staat, wil je controleren. Sturen. Denken.

Maar de enige manier om beneden te komen, is loslaten. Release. Laat de club het werk doen. Ik weet het allemaal heus wel.

Deze week speel ik in Duitsland, bij Golfclub Emstal. Misschien moet ik minder zoeken naar oplossingen en mezelf in Lingen gewoon weer onbevangen van die plank afduwen.

Lassen wir die 100er-Marke knacken!


Wil je ook reageren of heb je tips voor mijn doel Breaking 100? Mail dan naar roy.heethaar@golf.nl.