Vaak volstaat een standaard chip om de bal bij de hole te krijgen (bekijk zeker ook de eerdere basisinstructie van Veerman onderaan dit artikel). Soms vraagt de situatie op de baan echter om een ander wapen. En de enthousiaste Amerikaan – met een Nederlandse moeder – laat je maar al te graag zien hoe je dat aanpakt.
Wil je de bal hoog en zacht laten landen? Dan is loft je beste vriend. Maar die vriendschap ontstaat niet zomaar. Denk bij de stand van je clubblad aan een klok: neutraal is 12 uur. Hoe meer je het blad opent, hoe 'later' het wordt. In uitdagende situaties draait Veerman het clubblad gerust door naar half drie. Het blad ligt dan bijna plat op het gras, iets wat vraagt om lef én gevoel.
Het geheim volgens Veerman? Houd de driehoek tussen je armen en handen strak intact, swing vanuit je schouders en bewaar een rustig, vloeiend ritme. Toegegeven: het vraagt wat oefening, maar wanneer het lukt, krijg je ongetwijfeld een grote glimlach op je gezicht. Net als Veerman.
Pak je sand- of lobwedge, maar maak het jezelf in het begin niet te moeilijk. Leg de bal niet direct op strak gemaaid gras, maar tee 'm bijvoorbeeld eerst eens een klein beetje op. Voel het ritme, vertrouw op de loft van de club en laat de show beginnen!