De komende 24 uur ga ik op pad met Annerieke, een van mijn beste vrienden. We kennen elkaar sinds onze jeugd in Almelo. In Hengelo, toevallig ook mijn geboorteplaats, checken we in bij hotel ’t Lansink. Wat een feest! In de ruime en koele kamer (het is nog juni, maar de thermometer tikt tropische waarden aan) ligt een verzegelde brief op het bed met een lief bericht van Team 't Lansink.
Dit sfeervolle boetiekhotel ligt midden in de voor Hengelo typerende wijk Tuindorp, die op aanraden van Charles Theodorus Stork in 1910 gerealiseerd werd - lezen we. Als rasechte Tukkers kennen we de naam Stork uiteraard allang, en het is extra leuk om op je ‘eigen’ grond luxe te overnachten.
Het hotel, een rijksmonument met een in het oog springende toren, is een parel in een rustige straat die mede door de zinderende hitte een dolce far niente-flair krijgt. Meester-kok Lars van Galen kookt in het restaurant al ruim een decennium lang de ‘Michelin-sterren’ van de hemel. Needless to say: we verheugen ons vooral op het diner.
Het viergangenmenu is om je vingers bij af te likken: van boterzachte zalm met venkel en karnemelk tot ravioli met doperwt, tuinboon en gepofte boekweit. Het schuim bruist nog na terwijl het gerecht al geserveerd wordt.
We maken kirrende geluiden, want het smaakt verrukkelijk. De bijbehorende wijnen worden met de gebruikelijke Twentse gastvrijheid ingeschonken. Vanaf de derde gang kiezen we dan ook voor halve glazen, want tja… we willen nog wel bij de les blijven.
Gastheer en sommelier Riche van Trappe snapt ons volkomen. Deze flamboyante man praat met zoveel enthousiasme over de druif, oorsprong en streek van de wijn; het is alsof we naar een gepassioneerde leraar luisteren. Vooral de rode wijn uit Libanon - ‘nu het nog kan’ - valt in de smaak.
Helaas is de naam van de wijn me ontschoten omdat mijn volledige aandacht naar het uitgebreide assortiment bijzondere kazen ging. Kaas: nog een liefde die wij delen! Gelukkig spreekt Riche met net zoveel vurigheid over kaas als wijn. Eén ding is zeker, de volgende vriendinnentrip wordt een bezoek aan de kaasleverancier Fromagerie Guillaume.
We eindigen de avond met een dessert van aardbei en mascarpone, of toch niet? Bij de thee verschijnt een tafelbreed friandise-rek. Wat een verwennerij! Een half uur later staan we op. Even wandelen voordat we moe maar voldaan in het riante bed van de suite stappen. Morgen lopen we de copieuze maaltijd er weer af op de golfbaan, liegen we onszelf voor.
De volgende dag, na een ontbijt op het zonnige terras, rijden we richting Golfclub De Koepel in Wierden. Een thuiswedstrijd voor Annerieke, die in deze plaats geboren is. Zij kan steengoed hockeyen, mijn balgevoel laat soms te wensen over. Maar dat mag de pret niet drukken. Voor de afslag bij het clubhuis herken ik ineens de lange weg die we als gezin ooit richting mijn grootouders in Rijssen reden.
Nooit geweten dat hier een golfclub lag! De receptioniste van De Koepel verwelkomt ons vrolijk en vertelt het een en ander over de baan. Zo zijn de greens vandaag bezand en ze raadt ons aan zeker de onlangs vernieuwde drivingrange, inclusief TrackMan, te proberen.
Als enige slaan we in dit gebouw, dat ruikt alsof het net opgeleverd is, in rap tempo (mijn makke) een bal of dertig weg. Ik snap dat ze trots zijn op deze uitbreiding, al is het vandaag, zo met de zon op je bol best heet.
Wie had dat gedacht op de middelbare school in de jaren negentig, dat we hier ooit samen een balletje zouden slaan?
Niet piepen maar afslaan, is ons motto. Op het bord voor de ingang bekijken we nog even welke vogels we eventueel langs en op de baan kunnen zien. Ik houd van zulke weetjes.
De eerste 9 holes zijn de moderne, wat breder en vlak. De laatste, oude 9 zijn lommerrijker, en ook wat heuvelachtiger. Het past precies in het coulisselandschap uit mijn jeugd.
Annerieke slaat veel verder dan ik, en toch hebben we veel lol. “Wie had dat gedacht op de middelbare school in de jaren negentig, dat we hier ooit samen een balletje zouden slaan?”, vraag ik me hardop af.
Ik zie overal geel-zwarte vlaggen op de green. Het zal wel met het bezanden te maken hebben, maar het geeft Formule 1-vibes, merk ik. Alsof er ieder moment een racewagen voorbij kan komen. Nu sjeest er zeker iets langs je heen als je hier speelt: een paar holes bevinden zich namelijk naast een treinspoor.
We schieten prachtige plaatjes van de heide, maar er is weinig tijd voor nevenhobby’s: we willen geen slow play veroorzaken.
Het bezanden, ik heb er geen verstand van, maakt door de voet- en balafdrukken van de green een soort maanlandschap. Ach, denk ik, de baan ligt er prachtig bij en de greenkeepers zullen er van iedereen het meest verstand van hebben.
Het mooiste stuk van de baan is by far de signature hole 12 (foto onder), waar rechts een verraderlijke waterpartij ligt. Ik laat me altijd verrassen en vraag me af of dit echt een par 4 is, want ik heb de neiging tegen een par 5 aan te hikken vanwege mijn korte drive-afstand.
Nu weet ik waar de term hittegolf vandaan komt: de zon staat op onze bol en wij hebben in tegenstelling tot vele andere golfers op de baan geen paraplu mee. Annerieke zet een pet op, ik zet de kraag van mijn polo rechtop zodat mijn korte nek gespaard blijft.
Wanneer ik een foto van de schaapskooi maak, chipt Annerieke haar bal zo in de hole
Mijn spel begon goed, maar kakt een beetje in. Dan ineens als we halverwege fairway 12 lopen springen de sproeiers naast de green aan. “Hey, heb jij dat per ongeluk gedaan?”, vraag ik aan Annerieke. “Nee, ik heb nergens tegenaan geslagen, toch?” Als we de green naderen zeg ik: “En? Moeten we nu wachten?” Ik schakel mijn regel-hulplijn Stef in. “Geduld. Gewoon even wachten.”
Maar eigenwijs als we zijn holen we, strategisch tussen de stralen door, uit. Best een verfrissende afwisseling, dit.
Tijdens het lopen maak ik veel foto’s van de natuur. De heide is indrukwekkend mooi en sommige bomen doen bijna buitenlands aan. Wanneer ik een foto maak van de schaapskooi, chipt Annerieke een perfecte bal van net buiten de green zo in de hole.
Dat gaan we vieren met een borrel op het terras, beloof ik haar. We genieten de laatste holes weer met volle teugen en ik besef dat de volgorde van het uitje (eerst eten, dan golfen) voor ons echt ideaal is. Hole 18 vind ik de perfecte afsluiter, niet te moeilijk en uitzicht op een prachtig terras.
De handicap van Annerieke is met een tiende verlaagd, en ook dat moet gevierd worden. We toasten op onze vriendschap, golf en het voortreffelijke eten. “Wat een verwennerij”, zeg ik. “We hebben gedineerd als een vorst, geslapen als een keizer en gegolft als een edelman.” Inderdaad een perfecte drie-eenheid.
Tips*Gebruik het caddieboekje als je voor het eerst op De Koepel golft: voor een greenfeespeler zoals ik is het van onschatbare waarde. Dankzij de aanwijzingen van pro Gerry Jack, weet ik bij aanvang van elke hole precies hoe je de baan het beste kunt spelen.*Sla het ontbijt van hotel 't Lansink niet over, al heb je de buik nog vol van de avond ervoor. Van een gezond, tot echte Engels ontbijtliefhebbers (chipolata en witte bonen in tomatensaus), vers brood en dito fruit: het is een goede bodem voor een 18-holesronde. *Wil jij dit arrangement ook proberen? Kijk dan via deze link naar de opties bij Pin High Golftravel. |