We waren op vakantie in Zeeland en al een tijdje van plan om Mees mee te nemen naar de golfbaan in Goes. Daar ligt een fijne par-3-baan waar ze heel relaxed zijn in het ontvangen van kinderen - een toegankelijke club, en voor ons een halfuurtje rijden.
Zoals iedere ouder maakten we natuurlijk de fout om te laat te vertrekken. Pas rond tien uur gingen we op pad, om half elf kwamen we aan. En ja, eerst nog even koffie drinken en bijpraten met de clubmanager. Ik voelde ondertussen al dat de appelsap zijn werk begon te doen, de energie door zijn lijf gierde en dat er binnen een uurtje kans zou zijn op 'instortingsgevaar'. Negen holes is immers best veel voor een peuter die ook nog een middagslaapje nodig heeft. Toch begonnen we rond half twaalf enthousiast aan onze ronde.
Eerder die week hadden we op televisie samen naar het Women’s Open gekeken, althans dat stond aan terwijl we torens aan het bouwen waren met Duplo. Elke keer dat een bal op de green landde, riep Mees enthousiast: "Applausje, applausje! Bijnaaaaa!" Een optimistische golfer in de dop dus.
Op hole 1 sloeg Pieter zijn bal keurig op de green, ik kwam net naast de bunker terecht - allebei kregen we applaus van Mees. Hij rende vrolijk achter de ballen aan, wees ze enthousiast aan en sprong zonder aarzelen de bunker in om er een bal neer te leggen en er met zijn clubje overheen te maaien. Heerlijk spelen dus, en wij maakten intussen onze hole af én harkten netjes de bunker aan en nog een keer en nog een keer... Mees bleef er opnieuw inspringen.
Tot en met hole 3 ging het eigenlijk prima, maar daarna begon de concentratie weg te zakken. Rode koontjes, warmte, een peuter die moe wordt. Dan weet je dat je als ouder iets moet bedenken: "Kom Mees, we gaan naar de volgende hole." - "Nee", zegt Mees, zoals het een peuter betaamt.
"Maar we moeten door, de volgende groep komt eraan."
Opnieuw: "Nee!"
Tot ik zei: "Kom, we gaan naar de volgende zandbak." En dat werkte. Van hole 5 tot en met 9 was dat hét toverwoord. Iedere bunker werd enthousiast onveilig gemaakt, inclusief kleine voetafdrukken maat 23, waarna we alles weer netjes aanharkten. Ik denk dat de spelers na ons en de greenkeepers nog nooit zulke strakke bunkers hebben gezien.
Onderweg vermaakte Mees zich niet alleen met bunkers. Mijn headcover in de vorm van een giraf moest er geregeld vanaf, mijn handschoentje vond hij reuze interessant, en zijn eigen golfsetje bungelde trots aan de tas van mijn man. Af en toe sloeg hij zelf een bal, tussendoor keek hij aandachtig mee en zei hij 'nee'.
We raceten daarna met gierende banden terug naar ons vakantieadres, zodat hij nog net op tijd zijn middagdutje kon doen.
De belangrijkste les: vertrek eerder op de dag. Een peuter heeft een beperkte spanningsboog en rond het middaguur is het eigenlijk al te laat om je ronde nog te starten. De volgende keer staan we om half negen op de baan, zodat we relaxed kunnen spelen én daarna rustig een tosti kunnen eten.
En ja, we namen de wijze tips van Padraig Harrington uit aflevering 1 deze ronde niet bepaald ter harte. Maar wat geeft het? Mees is dolenthousiast, wil thuis in tuin alleen maar oefenen en roept regelmatig dat hij weer naar de golfbaan in 'Hoes' wil. Wat wil je nog meer?
Dit was de zesde aflevering van Peuters onder par - voorlopig de laatste. Ik pak de serie vast later weer op, als Mees wat ouder is, meer kan praten of zelfs kan tellen en de scores kan bijhouden. Want iedere fase levert weer nieuwe anekdotes op.
Voor nu kijk ik met een glimlach terug op een ronde met veel zandbakken, applausjes en de rode wangen. Golfen met een tweeënhalfjarige? Het is misschien niet voor je score, maar wel voor de mooiste herinneringen (en voor de applausjes, want die zijn ook goed voor het moraal).
Heb jij zelf tips of anekdotes over golfen met peuters? Deel ze vooral! Misschien inspireert het mij voor een volgende aflevering van Peuters onder par, want van dit soort verhalen kunnen we alleen maar leren (en om lachen). En wellicht is deze serie dan eerder terug dan verwacht.